Onze human resources: een geconsolideerde organisatie
Op 31 december 2025 telt Brussel Plaatselijke Besturen 98 personeelsleden, waaronder 4 gedetacheerde medewerkers. Het jaar werd gekenmerkt door een aantal natuurlijke personeelsbewegingen, met name twee pensioneringen, een ontslag, het einde van een contract van bepaalde duur en een ontslag op eigen initiatief. Twee nieuwe medewerkers traden in dienst in het kader van statutaire procedures die reeds vóór de invoering van het moratorium waren opgestart.
In deze context van beperkingen stond 2025 niet in het teken van een verhoogde werkdruk, maar eerder van een verschuiving van prioriteiten. De administratie bleef haar opdrachten uitvoeren, terwijl bijkomende structurerende taken werden geïntegreerd, zoals het definiëren van prioritaire opdrachten en kritieke functies. Deze aanpak droeg bij tot een grotere duidelijkheid en versterking van de interne organisatie.
Het telewerk, gemiddeld drie dagen per week, blijft een integraal onderdeel van de werking van Brussel Plaatselijke Besturen. Het flex desk-principe is inmiddels volledig ingebed in de werkpraktijken en vormt geen bron van moeilijkheden meer. De medewerkers hebben geleidelijk hun weg gevonden in deze hybride werkorganisatie.
Het werkklimaat blijft globaal positief. De inzet van de teams, in combinatie met een relatieve stabiliteit van het personeelsbestand, vormt een essentiële troef voor de administratie. Om de teamcohesie te ondersteunen en ontmoetingsmomenten te behouden, werden in de loop van het jaar twee collectieve evenementen georganiseerd, die hebben bijgedragen aan het versterken van de onderlinge banden.
In een beperkende context werd 2025 zo benut om de interne organisatie verder te consolideren en de werkprocessen te structureren. Deze proactieve benadering stelt Brussel Plaatselijke Besturen in staat haar veerkracht te versterken en zich voor te bereiden op toekomstige evoluties.
Financiële middelen
Bovenop de reeds problematische financiële situatie van het gewest werd ook nog eens het systeem van voorlopige twaalfden ingevoerd door het ontbreken van een regering met volle bevoegdheid. Dat zorgde voor extra werklast en onzekerheid (voor bepaalde subsidies konden uiteindelijk geen middelen worden uitgetrokken). In tegenstelling tot 2024 werden er geen bewarende maatregelen genomen, maar de in 2024 genomen maatregelen werden wel overgenomen in de begroting 2025 (aangezien de begroting 2024 de basis vormde voor de begroting 2025).
In 2025 is het globale budget dat door het bestuur wordt beheerd licht gedaald, namelijk van 900 miljoen euro naar 860 miljoen euro, wat neerkomt op ongeveer 11 % van de gewestelijke begroting. Dit aanzienlijke bedrag aan middelen wordt verdeeld over de algemene financiering van de plaatselijke besturen, de ondersteuning van het lokale personeel, de overdrachten naar andere instellingen en diverse specifieke subsidies.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste begrotingsposten* die het bestuur beheert in het kader van zijn opdrachten om de plaatselijke besturen te financieren en het gewestbeleid uit te voeren.
| 2024 | 2025 |
Algemene financiering | 520.879.000 | 538.340.087,21 |
Personeelsondersteuning | 186.319.000 | 189.244.227,76 |
Overheidsinvesteringen | 731.000 | 1.789.300 |
Overdrachten naar andere instellingen (BGHGT, BPV, enz.) | 159.998.000 | 98.127.710,80 |
Andere subsidies | 25.694.000 | 25.946.889,33 |
Geloofsgemeenschappen | 7.506.000 | 7.259.945,13 |
Andere | 7.114.000 | 5.655.351,78 |
TOTAAL | 908.241.000 | 866.363.512,01 |
Toelichting bij enkele verschillen:
Wat de overheidsinvesteringen betreft, is de toename te wijten aan een projectoproep voor buurtinfrastructuur. In 2024 werd beslist om deze projectoproep uit te stellen vanwege de opeenvolgende verkiezingen (eerst gewestelijke en vervolgens gemeenteraadsverkiezingen).
De daling van meer dan 60 miljoen bij de overdrachten valt te verklaren door de inkrimping van de dotatie voor BPV. De regering heeft een overdracht van kasmiddelen toegestaan. Zo kon de dotatie van de GOB om zijn uitgaven te dekken worden verminderd, want normaal gezien moet zijn begroting in evenwicht zijn.
Andere - minder aanzienlijke - dalingen werden opgetekend bij de uitgaven voor de gemeenteraadsverkiezingen, en bepaalde subsidies werden niet uitgekeerd.
De stijging van de bedragen toegekend ter ondersteuning van het lokale personeel kan worden verklaard door de indexering van de subsidies die zijn vastgelegd in de protocollen die werden gesloten met de gemeenten en OCMW’s. Hetzelfde geldt voor de algemene financiering.
IT-middelen
Na de evaluatie in 2024 (zie jaarverslag 2024) werden verschillende gerichte acties ondernomen om het gebruik van de tool te verbeteren: er werden en worden nog steeds specifieke opleidingen georganiseerd en er wordt momenteel ook een gebruikershandleiding opgesteld. Deze evaluatie heeft ook aan het licht gebracht dat er bepaalde aanpassingen nodig waren, die opgenomen werden in een wijzigingsplan waarvoor financiering wordt gezocht.
Daarnaast werd ook verder nagedacht over de ontwikkeling van een nieuw platform ter vervanging van BOS-xchange, dat stilaan verouderd raakt (zie jaarverslag 2024). Deze tool, waarmee een groot deel van de digitale uitwisselingen met onze partners zal worden verricht, moet tegemoetkomen aan de behoeften van het bestuur en van de plaatselijke besturen, en tegelijk rekening houden met de budgettaire beperkingen en voorzien zijn op een eventuele integratie ervan in het eBox-systeem.
Het bestuur heeft zijn financiële databases gemoderniseerd met New Combud, dat werd uitgerold in de lente van 2025 ter vervanging van een systeem dat verouderd was geworden. Het proces voor het uploaden van de gegevens werd geoptimaliseerd: voortaan worden foutloze uploads automatisch gevalideerd zonder enige tussenkomst van personeelsleden, wat de administratieve last aanzienlijk verlicht.
Wat de gegevens van het lokale personeel betreft, werd een protocolakkoord gesloten met de RSZ. Aangezien het datawarehouse al twee jaar stilligt en het aanzienlijke kosten met zich meebrengt, kunnen dankzij dit akkoord bepaalde benodigde gegevens nu kosteloos worden verkregen.
In 2025 werd uiteindelijk een overheidsopdracht uitgeschreven om de technologie te verwerven die nodig is voor het ontwikkelen van de simulator. Deze werd ontwikkeld in overleg met andere besturen van de GOB om de middelen te poolen en een gemeenschappelijke technologische oplossing te gebruiken.
Het ontwerpplatform voor het online beheer van de rekeningen en budgetten, het register van instellingen en de toekenning van huisvestingstoelagen aan bedienaars van de eredienst heeft hetzelfde traject afgelegd. De overheidsopdracht werd immers in 2025 uitgeschreven en gegund. In 2026 zullen testen moeten worden uitgevoerd.
Hieronder worden de bedragen vermeld die in de begroting zijn vastgelegd, d.w.z. dat ze zijn gereserveerd om toekomstige “uitgaven” te dekken. Dit zijn feitelijk niet de bedragen die daadwerkelijk zijn uitgegeven in 2025.