U bent hier: Home / Thema / Overheidsopdrachten / De van kracht zijnde wetgeving

De van kracht zijnde wetgeving

De reglementering op de overheidsopdrachten is van toepassing op de aankopen van de lokale besturen sinds 1 januari 1978 en het in werking treden van de wet van 14 juli 1976 betreffende de overheidsopdrachten van werken, leveringen en diensten (B.S. 28 augustus 1976).

Sinds 30 juni 2017 zijn de overheidsopdrachten onderworpen aan de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten en haar uitvoeringsbesluiten.

Het artikel 17 van de wet van 17 juni 2016 maakt de bepalingen van zijn Titel 2 toepasbaar op zowel lokale autoriteiten en verenigingen van lokale overheidsinstanties (gemeenten of verenigingen van territoriale collectiviteiten) als op organismen van publiek recht en andere personen geviseerd in artikel 2, 1° van de wet (OCMW, kerkfabrieken, en de organismen belast met het beheer van het temporeel van de erkende erediensten, de meergemeentelijke politiezones en de autonome gemeentebedrijven).

Het is eveneens sinds 30 juni 2017 dat de concessieovereenkomsten buiten het kader van de reglementering van de overheidsopdrachten zijn gevallen om onderworpen te worden aan een wet die specifiek aan hen is gewijd: de wet van 17 juni 2017 betreffende de concessieovereenkomsten en haar uitvoeringsbesluit.

Overigens is het passend om, zowel voor de overheidsopdrachten als voor de concessieovereenkomsten, niet te vergeten de bepalingen van de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies toe te passen.