U bent hier: Home / Thema / Financiën / Begrotingen & jaarrekeningen / Structuur van een begrotingsartikel

Structuur van een begrotingsartikel

De codificatie van begrotingsartikelen

Zoals gestipuleerd in artikel 1-5° van het Algemeen Reglement op de Gemeentelijke Boekhouding (ARGB) is het budgettaire rekeningstelsel gebaseerd op een dubbele classificatie in “functionele en economische codes”. Op de ontvangsten en uitgaven wordt een dubbele classificatie toegepast om ze te kunnen onderscheiden naar herkomst of toewijzing (functionele classificatie) of naar aard (economische classificatie). De combinatie van een functionele en economische code bepaalt de basisstructuur van elk begrotingsartikel. Meer concreet bestaat een begrotingsartikel uit een functionele code van 3 cijfers (FFF) die naar een dienst, departement of kostencentrum verwijst, en uit een economische code van 5 cijfers (EEE-NN) die de aard van de uitgave aangeeft. Het begrotingsartikel neemt de volgende vorm aan: FFF(FF) / EEE-NN. Dit type van codificatie maakt het mogelijk om de rekeningen en begrotingen weer te geven naar enerzijds functie  en anderzijds economische aard van de uitgaven en ontvangsten.

Deze codes zijn eveneens bij wet vastgelegd (KB van 25 maart 1994 tot wijziging van het MB van 30 oktober 1990 houdende uitvoering van artikel 44 van het KB van 2 augustus 1990 betreffende het ARGB).

Functionele uitsplitsing

De functionele uitsplitsing deelt de ontvangsten en uitgaven (zowel gewone als buitengewone) in naar herkomst of besteding, dat wil zeggen volgens de verschillende functies en taken die de gemeentelijke overheden uitvoeren (algemene administratie, openbare orde en veiligheid, onderwijs…).

De functionele codificatie omvat 8 hoofdfuncties. De nummers van deze hoofdfuncties zijn:

0 Niet aan functies toewijsbare ontvangsten en uitgaven
1 Algemene administratie
3 Openbare orde en veiligheid
4 Wegennet, waterwegen
5 Nijverheid, handel en middenstand
7 Onderwijs, cultuur, recreatie, erediensten
8 Sociale dienstverlening en openbare gezondheid
9 Huisvesting en ruimtelijke ordening

Economische uitsplitsing

Daarnaast wordt er ook een economische codificatie toegepast op de verschillende ontvangsten en uitgaven. Die indeling is gebaseerd op de theorie van de sectoren en de economische stromen en heeft betrekking op de middelen die de gemeente aanwendt om haar interventie uit te voeren. In vergelijking met de functionele indeling geeft ze duiding bij de aard van de ontvangsten of uitgaven zelf (bijvoorbeeld: opbrengsten uit vermogen, opbrengsten uit prestaties, kapitaalopbrengsten, dividenden, algemene toelagen, specifieke toelagen, belastingen enz.), alsook over de belangrijkste begunstigde of bijdragende activiteitssectoren (gezinnen, overheidssector, financiële sector enz.).

De verschillende economische codes worden ook ingedeeld in economische klassen of rubrieken. Die bestaan uit twee delen: de eigenlijke code zelf (3 cijfers) en het volgnummer. Deze 3 cijfers hebben een betekenis: het eerste cijfer verwijst naar de hoofdklasse, zelf onderverdeeld in onderklassen, het tweede cijfer betreft een uitgave indien het 1 tot 5 bedraagt en een ontvangst indien het 6 tot 9 bedraagt (een 0 kan zowel op een uitgave als een ontvangst betrekking hebben).

De 9 hoofdklassen zijn de volgende:

1.    Gewone ontvangsten en uitgaven voor goederen en diensten
2.    Financiële lasten, verliezen en winsten van ondernemingen
3.    Overdrachten van inkomsten van en naar andere sectoren dan de overheidssector
4.    Overdrachten van inkomsten binnen openbare overheden
5.    Kapitaaloverdrachten binnen openbare overheden
6.    Investeringen
7.    Toekenning van leningen en deelnemingen
8.    Overheidsschuld en heffingen

De economische code speelt een essentiële rol in de informatorische link tussen de begrotingsboekhouding en de algemene boekhouding.