U bent hier: Home / Lokale Democratie / Plaatselijk bestuur in Brussel

Plaatselijk bestuur in Brussel

De ordonnantie van 5 maart 2009, tot wijziging van de nieuwe gemeentewet voert een plaatselijk bestuursplan in.

Via dit plan wil de regering de plaatselijke bestuursmethodes moderniseren om de kwaliteit van de gemeentelijke openbare dienstverlening aan de burger
te verbeteren. De taken van de gemeente worden immers gekenmerkt door een steeds grotere specialisatie en ook het technische karakter en de complexiteit
ervan nemen toe, wat vraagt om meer boekhoudkundige en budgettaire discipline.

Het plaatselijke bestuursplan, dat in 2009 is goedgekeurd, voorziet vier grote hervormingen :

- de gemeenten effi ciënte beheersinstrumenten bezorgen;
- de dienstverlening aan de bevolking verbeteren ;
- de plaatselijke democratie opwaarderen ;
- een dynamische administratie en gemotiveerd personeel.


Efficiënte bestuursinstrumenten

 • Uitwerking van een driejarenplan : dit plan omvat twee documenten, namelijk een oriëntatienota over de fundamentele richtlijnen die
vastgelegd zijn voor drie jaar en een beheersplan dat de oriëntatienota voorstelt in begrotingstermen, in de vorm van schattingen en voorspellingen.
Het driejarenplan maakt deel uit van de begroting, dat onderworpen is aan het goedkeuringstoezicht.

• Oprichting van het directiecomité : bij elke gemeentelijke administratie wordt een directiecomité opgericht, die bestaat uit de hoogste gemeenteambtenaren :
de gemeentesecretaris, de adjunct-gemeentesecretaris, de gemeentelijke ontvanger, de HR-directeur en iedereen die afhangt van het directe hiërarchische
gezag van de gemeentesecretaris en verantwoordelijk is voor het beheer van een dienst, op voorwaarde dat elke dienst maar één keer vertegenwoordigd is
in deze stuurgroep.
De groep is de link tussen de politieke besluitvorming en de uitvoering ervan bij de administratie, en waakt over de communicatie tussen en de organisatie
en werking van de verschillende diensten.

• Taken van de gemeentesecretaris : de bij wet bepaalde lijst met taken wordt aangevuld met een nieuwe paragraaf die niet-limitatief opsomt waaruit die taken
kunnen bestaan. De gemeentesecretaris krijgt een nieuwe bevoegdheid om het personeel minimale disciplinaire straffen op te leggen.
Om de relaties tussen de overheid en de administratie te vergemakkelijken moet de gemeentesecretaris met het college een overeenkomst sluiten,
die in een nota zal worden opgenomen.

• Verantwoordelijkheid van de gemeentelijke ontvanger : vanaf nu wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de klassieke taken van de ontvanger, die
hij op eigen verantwoordelijkheid vervult, en de andere taken die het college hem kan toevertrouwen, maar die hij vervult onder het gezag van het college,
zonder er persoonlijk verantwoordelijk voor te zijn.

• Invoering van de graad ‘human resources manager’ : de nieuwe graad ‘human resources manager’ wordt ingevoerd. De manager komt onder het
hiërarchische gezag te staan van de gemeentesecretaris, met wie hij een tandem vormt voor de materiële uitvoering van de beslissingen inzake het personeel.

• Invoering van het mandaat en de evaluatie voor de wettelijke graden : de gemeenten krijgen de mogelijkheid
om hun secretaris en/of ontvanger aan te werven in het kader van een mandaat dat acht jaar duurt. In de nieuwe gemeentewet wordt het gemeenschappelijke
kader uitgewerkt voor de gemeenten die ervoor zouden kiezen dit mandaat te gebruiken. Als een gemeente beslist om haar secretaris en haar ontvanger niet
op basis van een mandaat aan te werven, moet zij die wettelijke graden toch evalueren, wat voordien niet het geval was.


Verbetering van de dienstverlening aan de bevolking

Er wordt expliciet bepaald dat de gemeenten een administratie ter beschikking moeten stellen van hun
bevolking waarvan de methodes en de openingsuren aangepast moeten zijn aan de levenswijze van hun medeburgers.
Zo moeten de gemeentediensten minstens één keer per week open zijn buiten de kantooruren.
Bovendien moet de gemeente diensten aanbieden die toegankelijk zijn via het internet.


Opwaardering van de plaatselijke democratie


Daartoe worden vier maatregelen genomen :
- opwaardering van de rol van de commissies ;
- invoering van participatieve begrotingen ;
- aanwezigheid van de OCMW-voorzitter op de vergaderingen van de gemeenteraad en van het college ;
- publicatie van de documenten op de website van de gemeente
 

Dynamiek van het bestuur en motivatie van de personeelsleden

Alle personeelsleden die de gemeenten aanwerven, moeten een opleiding volgen over de werking van de
plaatselijke administraties. De gemeenten zijn verplicht om een organogram van het personeel op te stellen.
 

Meer info

De principes van nieuwe gemeentelijke beleidsvoering (Belfius)

Het plaatselijk bestuursplan (VSGB)


De Europese Unie en de Raad van Europa hebben daarnaast ook een reeks aanbevelingen goedgekeurd:

•    De 12 principes van goed plaatselijk bestuur

1    Rechtsconforme verkiezingen, rechtvaardige vertegenwoordiging en participatie
 
2    Reactiviteit
 
3    Doelmatigheid en efficiëntie
 
4    Openheid en transparantie
 
5    Rechtsstaat
 
6    Ethisch gedrag
 
7    Competenties en vaardigheden
 
8    Innovatie en openheid van geest tegenover veranderingen
 
9    Duurzaamheid en oriëntatie op lange termijn
 
10    Gezond financieel beheer
 
11    Mensenrechten, culturele diversiteit en sociale cohesie
 
12   Verantwoordingsplicht

•    Strategie voor innovatie en goed lokaal bestuur (Raad van Europa)
•    Witboek over Europese governance (Europese Unie): 5 principes (p.12-13 "principes van goede governance")